Het Nationaal Preventie Mechanisme (NPM) heeft onderzoek gedaan naar afzondering binnen psychiatrische afdelingen van gevangenissen (PPC’s) en tbs-klinieken (FPC’s). Het NPM ziet toe op de humane behandeling van mensen die achter gesloten deuren verblijven, onder meer in gevangenissen, tbs-klinieken, zorginstellingen en uitzetcentra.
Uit het onderzoek blijkt dat professionals, ondanks soms beperkte randvoorwaarden, goede voorbeelden laten zien van hoe afzondering zo menswaardig mogelijk kan worden toegepast. Tegelijkertijd concludeert het NPM dat instellingen van elkaar kunnen leren en dat verdere ontwikkeling nodig is om afzondering verder terug te dringen.
Op meerdere locaties waar met de FHIC-methodiek (Forensisch High & Intensive Care) wordt gewerkt, gaven medewerkers aan dat deze werkwijze concreet bijdraagt aan het voorkomen en verminderen van afzondering en separatie. De nadruk binnen FHIC op vroegsignalering, relationele veiligheid, samenwerking in multidisciplinaire teams en het versterken van contactmomenten met patiënten, sluit nauw aan bij de aanbevelingen van het NPM. Daarmee onderstreept het rapport het belang van een herstelgerichte en menswaardige benadering.
De acht kernbevindingen van het NPM:
Betekenisvol contact is essentieel tijdens afzondering: minimaal 2 uur per dag
Lichamelijk onderzoek is ingrijpend: beoordeel per situatie of het echt noodzakelijk is
Scheurkleding wordt als vernederend ervaren: bied meer maatwerk en variatie
Sobere materiële omstandigheden tijdens afzondering: zorg voor betere faciliteiten
Sobere omstandigheden tijdens verblijf in de buitenlucht: verbeter de fysieke omgeving en spreid de momenten
Afzondering als disciplinaire straf is niet passend
Goede registratie en analyse zijn noodzakelijk: om afzondering te verminderen of te voorkomen
Voorkomen is beter dan genezen: zet maximaal in op preventie
Voor FHIC bevestigt dit rapport dat investeren in contact, teamreflectie, methodisch werken en preventie geen bijzaak is, maar een mensenrechtelijke noodzaak. De bevindingen ondersteunen de beweging binnen de forensische zorg om afzondering verder terug te dringen en te blijven werken aan een veilig én menswaardig behandelklimaat.